vrijdag 29 januari 2010

Brei scheune me kinde

Een tijdje geleden pikte ik sinds lang het breien weer op. Een collega moest voor het werk een paar maanden naar koude oorden en het leek ons leuk om hem een persoonlijk cadeautje te geven. En alzo werd er noest gebreid aan een sjaal door 4 vrouwen met weinig kennis van zake.
Zo’n 4 jaar geleden ondernam ik ook al zo’n poging. Een sjaal voor mezelf. Met de hulp van de mama natuurlijk. Zot, u dacht toch niet dat ik zelfstandig kon breien.
Ondertussen is handwerk weer hip aan het worden en ik moet eerlijkheidshalve toegeven dat ik dat stiekem wel leuk vond.
Dus leerde de oma van Soek me een maand geleden hoe ik een breinaald moest opzetten, want daar wist ik natuurlijk niets van.
Fast forward naar vandaag.
Ik ben vergeten hoe ik een breinaald moet opzetten.
Internet maakt het me alleen maar moeilijker want de oma had het me geleerd met een gekruiste draad rond de duim en het wereldwijdeweb wil mij alleen leren opzetten met duim én wijsvinger.
Ik had dat moeten filmen hé gasten! Volgende keer doe ik dat zonder fout.
Werkelijk ongelooflijk hoe je zo iets idioot simpel zo snel weer kan vergeten.

Acht ja, vergeetachtigheid geeft vrijheid zullen we dan maar denken.
Maar soms toch ook wel heel wat frustratie hoor, ik moet dat toegeven.

Gedichtendag reflectie

Naar aanleiding van gedichtendag gisteren, moest ik terugdenken aan mijn favoriete Kahlil Gibran citaten.
Die man heeft ze voor mij geschreven, kan niet anders.

Hoe dieper verdriet in uw wezen kerft, hoe meer vreugde u kunt bevatten.
Deze zin is de essentie van mijn leven. Het verloop van mijn levenspad is tot nu toe nogal hobbelig geweest, maar net om die reden apprecieer ik het nog meer.
Het is zoals wanneer ik iemand weer hoor doordrammen over een complete futiliteit. In mijn omgeving lijkt het wel alsof de mensen die het tot nu toe vlotste leven hebben gehad, het hardst kunnen klagen.
Verdriet heeft mij geleerd om naar de details te kijken. Om tussen de scherven schoonheid te zoeken. Om met een zekere naïviteit overenthousiast te kunnen reageren op iets dat lekker loopt, mooi of leuk is.
En mijn god, wat geniet ik daarvan. Ik zou het niet anders willen, werkelijk.

Vergeetachtigheid is een vorm van vrijheid.
Vol-le-dig op mijn lijf geschreven. Vooral in combinatie met bovenstaande dan, dat spreekt voor zich.
Om één of andere reden slaag ik er maar niet in om een gewoon, normaal werkend en onthoudend geheugen te kweken.
Ik vergeet onnoemelijk veel dingen. Namen. Afspraken. Nummers. Things to do. You name it, I forget it.
Vooral Soek kan zich daar wel eens aan ergeren en zich afvragen hoe ik zo kan leven. En eerlijk, leven lukt mij perfect met vergeetachtigheid. Er is automatisch minder stress die je jezelf oplegt. Zelfs wanneer ik mezelf nadien zou kunnen schoppen, komt het allemaal wel goed.
En het leukst van al is dat ik vaak verrast ben door hetzelfde! Het leven blijft spannend en alle wegen liggen open.

We leven slechts om schoonheid te ontdekken. Al het andere is een vorm van afwachten.
Als het even niet zo vlot voor je loopt, is het belangrijk om dingen te zoeken waar je het positieve in kan zien. Want jezelf af en toe dwingen tot positivisme helpt echt. Vraag maar aan een paar bloggers/lezers die onlangs nog de daily gratitude/blessings hebben overgenomen.
Ik kan bijzonder blij worden van mooie dingen. Dat kan gaan van een land, tot een bloem tot een nieuwe jurk, over fysieke schoonheid en een onverwacht gebaar. En vergeet zeker die momenten niet waarop alles klopt. Een perfecte avond op café met vrienden, een dagje voor jezelf met massa’s DVD’s, geknutsel of beautydingen, maakt niet uit. Dát zijn de dingen waarvoor je moet leven. Wie die schoonheid kan ervaren en vooral de erkenning kan geven die hij verdient, dat is een gelukkig mens.

woensdag 27 januari 2010

Aanrijding in Miskom

Off all people die een mens kan aanrijden, moest ik vanmorgen in de kont van de auto van een politieagent rijden…
Niet hard, ik keek naar links, liet net de rem los en hij stopte bruusk. Ik zag het te laat en ging met de volle 5km/u tegen zijn trekhaak aan.

Ik vloekte zwaar binnensmonds, maar bleef kalm. Alleen kalmte kan u redden, dat ging allemaal redelijk natuurlijk.
Toen ik de man zag uitstappen, merkte ik het logootje op zijn fleece op. Politie. Godmiljaar! En ik vloekte nog eens binnensmonds.
Gegevens werden uitgewisseld, hij kermde wat over zijn nek.

Zonet kreeg ik telefoon. Dat hij een nieuwe trekhaak moet. En een barst in de bumper. En dat we toch een aanrijdingformulier zullen moeten invullen. En dat hij nog naar de kinesist zal gaan om te zien wat dat met zijn nek gaat zijn.

Godmiljaar!

dinsdag 26 januari 2010

Manonvriendelijk haardispuut

Als lange bruinharige durft een mens al eens in saaiheid te vervallen. Voor alle duidelijkheid, we hebben het hier over mijn haar hé mensen.
Ik ben geen rekkertjesdrager. Ik vind dat ik daar niet mee sta, punt. Niets tegen de rekkertjesdragende medemens, u draagt uw haar zoals u dat wenst. Ik heb een klein hoofd en dat gaat niet zo harmonieus samen met rekkers.
Bijgevolg draag ik mijn haar bijna altijd los. Af en toe misschien eens een haarspelddraai, maar over het algemeen los.
Ik ben gezegend met de natuurlijke haarkrul van mijn vader, waarvoor dank, maar helaas is die krul niet voldoende gedefinieerd om er tevreden mee te zijn. Het is eerder een krul met een doffe kroes er rond.
Bijgevolg kies ik al jaren voor de stijltang, maar mijn god, wat ben ik het beu om iedere morgen dat ding door mijn haar te halen en mijn oor te verbranden.

U ziet, het gaat hier om een kwestie van levensgroot vrouwelijk kapbelang.
Een hele resem mousses en serums die mij weelderig afgelijnde krullen beloofden, zijn gepasseerd en teleurstellend in de vuilbak gekieperd.
Truukjes zoals partjes haar rond je vinger draaien en vaststeken zijn uitgetest en wenkbrauwfronsend met de stijltang weer platgedrukt.
Laagjes zijn door professionele haarvirtuozen in model geknipt, samen met prachtige beloftes van romantisch op en neer wippende krullen die ik never ever gerealiseerd heb gezien. Natte poedel, misschien. Dat wel.

U mag mij raad geven, mij overstelpen met truuks, mij een echt werkend product aanraden. Graag zelfs, leeft u allen uit in de comments.

Ik twijfel momenteel over de aankoop van een krultang. Ik heb ijle hoop en visioenen van prachtige krullen. Het zal nog steeds een tijdsprobleem opleveren want krullen zetten duurt volgens mij nog langer dan stijltangen. Een voordeel is dan weer wel dat de krullen beter in model zullen blijven bij mij, ah ja dat kan niet anders gezien mijn haar gewend is aan krullen. Excuus voor de stijlharige medemens die naar krul in zijn leven smacht, ik besef dat mijn kapbelang waarschijnlijk ook het uwe is.

Twijfel over de aankoop van een krultang dus. Er is teveel keuze, er zijn teveel merken, teveel technieken en opzetstukken, teveel verschillende groottes en te weinig degelijke info of teveel, dat kan ook.
Ik zou bijzonder graag een stijltang kunnen uittesten vooraleer ik er eentje koop. Babyliss, Remington, Sibel, Ultron, Braun, Kalor, ik zie de krul niet meer door de stijltang.
Dus als iemand een idee heeft, ik hore ende lees het wel. Ik wacht in ieder geval nog even met de aankoop want ik moet ende zal eerst getest hebben.

En op vakantie ziet dat er altijd beter uit, dus dat telt niet!

donderdag 14 januari 2010

Ship Ahoy - Fielosophie en het gevaar

Deze week nam ik eindelijk een beslissing in iets waar ik al 2 jaar lang mee rondliep. In februari vind je mij elke zaterdag terug op de schoolbanken van… het theoretisch Algemeen Stuurbrevet. Lees: Fielosophie gaat varen.

De reden waarom ik nu eindelijk de moed had om mij effectief in te schrijven, is nog een aparte blogpost die er zeker nog aankomt. Een kleine zelfreflectie, u weze gewaarschuwd.

Maar dus, Fielosophie gaat varen. Het kan misschien niet evident lijken voor u, lezer van deze niet-watergerelateerde blog. Maar voor mij is het iets dat een stukje van mezelf is geworden. Als kind/tiener hadden we lange tijd een speedboot en daarna een iets rustigere motorboot. Ik heb geweldig fijne herinneringen aan die momenten. Varen op het water, tussen het groen, steden op een heel andere manier ontdekken, de ongelooflijke rust en vrijheid. Maar bovenal de rust die ik op die momenten binnen ons gezin voelde, is iets dat ik heel graag wil vasthouden. Een schaarste die gekoesterd wordt.

Al varend, omringd door water, wind en groen, was er geen mogelijkheid om op café te gaan. Er was geen aanleiding om ruzie te maken. Er hoefde niet gepraat te worden. Er was geen routine, behalve dan wanneer er een sluis moest gedaan worden. En dan nog.
Alle drie in hetzelfde schuitje. Letterlijk en figuurlijk.

Vooral de herinnering aan mijn moeder in die tijd maakt mij gelukkig. Ik zie haar nog zo zitten op het achterdek of boven, met haar vuurtorenrode haar in de wind. En een kleine glimlach. Altijd een kleine, gelukkige glimlach. Oké misschien ook niet, maar het is mijn herinnering. Altijd dus. Ze deed dat graag varen, dat zei ze tegen iedereen.
Ook mijn vader vond in het varen een rust die ik nimmer bij hem gewaar ben geworden. Hij was er verdomd goed in, in dat varen. En hij deed het graag, dat weet ik gewoon. Dat voelde je. Het feit dat hij zijn vaartuig momenteel laat verkommeren en er niets meer mee aanvangt maakt mij kwaad. Het zou hem goed doen, wekelijks een klein tochtje. Toch beter dan een dagelijks cafébezoek lijkt me.

Misschien daarom dat ik graag zelf wil kunnen varen. Het is één van de weinige puntjes die mijn vader en mij met elkaar verbinden.
En dat is goed. Het is iets positief te midden van heel wat knopen.

maandag 11 januari 2010

Deze keer is het echt van den hond.

Soek en ik wij zijn liefdevolle mensen. Wij zijn ook snel vertederd door dingen. De Jack Russel bij ons in de straat bijvoorbeeld. Bij ons beter gekend als “Fritz”, al ben ik er zeker van dat dat zijn echte naam niet is. Het is een folieke van Soek en Fielosophie, want zo’n mensen zijn wij: liefdevol, snel vertederd én humoristisch. All in one én human, jaja.

Fritz van bij ons in ’t straat deed ons stiekem dromen van een eigen hond. Of misschien vooral mij want de wederhelft is de realist van ons twee. Evenwicht in de relatie enal.
Vrijdag deed er zich een effectieve kans voor om een hondje te “adopteren”. Het kindje van een collega was allergisch en daardoor moesten ze hun beagle na 8 jaar wegdoen. Hij is een beetje ziekjes door een lekkende hartklep en moet medicatie nemen, maar dat maakte mij helemaal warm. Snel vertederd enzo, ik had u reeds gewaarschuwd.

Soek en ik waren er bijna uit. Bijna had die woefie een nieuwe thuis. Een grote tuin. 2 lieve baasjes.
Was het niet dat wij nogal uithuizig zijn. Media, werk en leven, het is een omslachtige combinatie.
Overdag zijn wij in een normaal geval 10u van huis. Tot daaraan toe, dat is de woefie blijkbaar gewoon.

Maar sinds ik verhuisd ben, vergt het iets meer organisatie om met vrienden af te spreken. En omdat mijn werk redelijk in de buurt van de vrienden ligt, is het “logisch” dat ik gewoon na mijn werk langskom. Zo moeten zij de afstand tot bij mij niet maken. Want ik woon klaarblijkelijk perceptioneel in het hol van Pluto. Vagevuren moeten overgestoken worden, woestijnen doorkruist.
Maar wanneer ik na mijn werk rechtstreeks doorrijdt naar vrienden, dan zit die woefie daar helemaal alleen. Dat kan toch helemaal niet!
En “eventjes” heen en weer rijden om hem uit te laten is dus geen optie.
Avontuurlijke vrienden die tot in het hol van Pluto durven te rijden, dat zou wel wat zijn. Of ben ik dan weer een dromer?

Dus, de hond moet sneuvelen voor het sociale leven. Ik vind dat niet oké.

Ik ijver voor een hondenpension op het werk. Een kindercrèche is er al, het zou niet meer dan fair zijn, just saying.

donderdag 7 januari 2010

't Is van den hond zeg ik!

Ik spreek niet graag slecht over mensen of organisaties op deze blog. Dat is ook niet zijn bestaansrede. Maar wanneer er zo op mijn systeem wordt gewerkt en dat kleine rode knopje wordt ingedrukt, dan is het moeilijk om het er niet over te hebben. Er komt dan een zekere waarschuwingsdrang in mij naar boven. Joehoe, u kan beter niet met deze mensen in zee gaan. ’t Is maar dat u het weet, een gewaarschuwd mens is er twee waard.

Dus, I’ll fill you in. In augustus was ik een tijdje werkloos. Crisis en televisiesector, ’t is een dubieuze combinatie.
Ik had me een jaar daarvoor ingeschreven bij het ABVV, kwestie van in die onzekere wereld toch een bondgenoot te hebben.
Dus toen ik werkloos werd, ging ik ten rade bij het ABVV. Of zij me met mijn werkloosheidsuitkering konden helpen.
Zeker dat ze dat konden.

Aldus vulde ik mijn stempelkaartje elke dag mooi in en er moesten nog wat paperassen meegebracht worden, ik deed dat. Plichtsbewust enzo, ik heb dat. En natuurlijk ook hopen tijd toen, ik was werkloos weet u wel.
Tot op een mooie dag in september plots de zon weer scheen in mijn werkleven. Er kwam een nieuwe job.
Iik verwittigde desbetreffende vakbond en bedankte hen zelfs voor de hulp. Puh.

September 2009 was dat.
Vandaag, 7 januari 2010, heb ik nog steeds geen uitkering gekregen.
Zeker 8 telefoontjes – en minstens evenveel doorverwijzingen – leveren helemaal niets op. Zelfs een mail waarop ik alles kort maar krachtig uit de doeken doe, blijft onbeantwoord.

Vandaag had ik er genoeg van. Ik kreeg steeds hetzelfde verhaaltje: dossier onvolledig, te weinig dagen gewerkt, schoolverlater, blablabla.
Schoolverlater? Ik werk sinds 2006. Werkdagen tekort? Ik dacht het niet.
3 personen heb ik ondertussen uitgelegd dat het niet kan, dat hun info niet klopt, dat ze het moeten uitzoeken en aanpassen.

Vandaag: opnieuw hetzelfde verhaal. What the hell is wrong with you people!
Bovendien kreeg ik al 3 keer de garantie van teruggebeld te worden, zonder enig gevolg.
Vandaag opnieuw. Volgende woensdag gaan ze bellen. Ik ben benieuwd, ik hoop nu eindelijk eens geholpen te worden en te krijgen waar ik verdorie recht op heb.

Iemand van jullie nog een idee wat ik kan doen om druk op de ketel te krijgen? Suggesties steeds welkom…

woensdag 6 januari 2010

Over hoe exen ook goed kunnen zijn.

Mijn dag begon vandaag oprecht goed. Na de tweede keer mijn wekker afgedrukt te hebben, gleed ik naadloos van slaap naar wakker zonder echt moe te zijn. Dat is een prestatie voor mij, echt.
Ik had gisteravond de CD van The XX klaargelegd om hem vanmorgen in de auto te beluisteren. Om te kijken of ie wel zo goed was als de Humo en Soek hadden gezegd. Niet dat ik twijfel aan Soeks’ muzieksmaak. Integendeel, daar gaat alles goed mee, dank u.
Mijn 1 uur en een kwart durende rit van huis naar het werk zorgt ervoor dat een mens al eens tijd heeft om naar de radio te luisteren. Of een CD te beoordelen. Keihard, want er is voldoende tijd om een CD in één ruk uit te horen.
En aldus verging het die nieuwe van The XX.

Al van bij de intro – effectief Intro genaamd – was ik helemaal verkocht. Ik werd helemaal in de eenvoud en schoonheid van de sound gezogen.
Ik vond het jammer dat ik in de auto zat en dat – ondanks de schoonheid van een sneeuwlandschap – de omgeving waarin ik me bevond niet strookte met de beleving van de muziek. Ik wenste dat ik alleen zat op een strand, bovenop een bergtop naar de weidsheid stond te kijken, in het midden van de oceaan in een bootje dobberde of van op een Amerikaanse porch naar buiten keek en zag dat het goed was.

The XX is eindelijk de rust die ik soms verlangde bij de muziek van Motek. Nog zo’n geniale band, maar met een iets hardere sound.
Jawel, ik hoef het niet expliciet nog eens te zeggen, maar ik ben verkocht.
Voor mij de beste plaat sinds mijn ontdekking van Sigur Rós.

zondag 3 januari 2010

Het beperkt nut

Ik denk er al een dikke maand over na en ik las het nu ook alhier bij Dominiek; bepaalde sociale media steken mij bijzonder rap tegen.
De wekelijkse nieuwe statusupdate op Facebook ligt al ruime tijd achter ons, maar ook de behoefte om elke activiteit gedurende mijn ohzo spannende dag op Twitter te etaleren, beperkt zich tegenwoordig tot een "ahja, kga daar nog ne keer is iets opzetten misschien".
De nieuwsgierigheid naar wat mijn echte kennissenkring allemaal uitspookt op Facebook blijft dan weer wel bestaan - we're only human. De quasi onbekende Twittervriend kan me daarentegen niet meer boeien met zijn overload aan updates over zijn/haar spannende dag/leven.

Neen, ik ben weer helemaal into telefoneren naar familie, op café gaan met vriendin, iets gaan eten met kennissen en in de zetel zitten met het lief aka Soek.

Misschien valt dit te verklaren door De Grote Verhuis, zoniet zijn er nog altijd mijn computerschermgeïrriteerde ogen die als tweede oorzaak op de lijst zouden kunnen staan.

"Hoera voor echt menselijk contact!", schreef ze vanachter haar computer op haar blog.

Vanaf nu kan u zich dus best tot de comments wenden, gezien andere online activiteiten beperkt zullen worden.